
Blok 2
In Blok 2 van de minor ‘Het internet gaat stuk en wij gaan het repareren’ lag de focus op het ontwerpen van een prototype en het werken met een echte opdrachtgever. Waar ik in Blok 1 vooral kritisch analyseerde wat er misgaat in digitale systemen, draaide het in dit blok om het toepassen van die inzichten in de praktijk.
Dit blok was complexer dan Blok 1, omdat we te maken hadden met echte belangen, verschillende stakeholders en samenwerking met een team. Binnen het groepsproject nam ik de rol van leider op me. Ik zorgde ervoor dat de taken goed verdeeld waren, hield overzicht over het proces en bewaakte zowel mijn eigen werk als dat van het groepje. Hierdoor kon ik actief meedenken over inhoudelijke keuzes en goed overzicht houden in wat er allemaal moest gebeuren.
In dit blok ben ik vooral gegroeid als maker en denker, en heb ik geleerd hoe maatschappelijke vraagstukken, ontwerp en samenwerking samenkomen in één proces.
Onderwerpen die besproken worden
STUK
Binnen Blok 2 van de minor ‘Het internet gaat stuk en wij gaan het repareren’ heb ik onderzocht wat er misgaat in bestaande digitale systemen en welke publieke waarden daarbij onder druk staan. In mijn analyses kijk ik niet alleen naar technologie zelf, maar juist naar de maatschappelijke gevolgen, de belangen van verschillende stakeholders en de morele dilemma’s die hieruit voortkomen.
Een terugkerend probleem dat ik heb geanalyseerd, is de manier waarop veel digitale platforms zijn ingericht vanuit commerciële belangen. Grote sociale mediaplatforms zijn sterk afhankelijk van advertentie-inkomsten en algoritmes die engagement maximaliseren. Vanuit economisch perspectief is dit logisch, maar dit botst met publieke waarden zoals toegankelijkheid, inclusie, transparantie en democratische participatie. Overheden en publieke instellingen, zoals gemeenten, merken hierdoor dat hun communicatie minder zichtbaar is en minder serieus wordt genomen binnen deze systemen.
Vanuit een ethisch perspectief roept dit vragen op over macht en verantwoordelijkheid. Wie bepaalt welke informatie zichtbaar is, en op basis van welke waarden? Algoritmes zijn vaak ondoorzichtig, waardoor gebruikers nauwelijks inzicht hebben in waarom bepaalde berichten wel of niet worden getoond. Dit leidt tot een moreel dilemma: efficiëntie en winst tegenover eerlijkheid, gelijkheid en publieke zeggenschap.
Ook vanuit een mensenrechtelijk perspectief ontstaan spanningen. Het recht op informatie, participatie en privacy staat onder druk wanneer platforms gebruikers profileren, data verzamelen en informatie filteren zonder duidelijke controle of inspraak. Niet alle groepen worden op dezelfde manier bereikt of vertegenwoordigd, wat kan leiden tot uitsluiting van bepaalde stemmen, met name van mensen die minder digitaal vaardig zijn of bewust commerciële platforms vermijden.
Het narratologische perspectief laat zien dat niet iedereen binnen deze systemen evenveel ruimte krijgt om gehoord te worden. De dominante verhalen worden vaak bepaald door wat algoritmisch “goed scoort”, niet door wat maatschappelijk relevant is. Hierdoor verdwijnen lokale, inhoudelijke of minder sensationele verhalen naar de achtergrond, terwijl juist deze belangrijk zijn voor betrokkenheid en gemeenschapsvorming.
De negatieve gevolgen van deze systemen zijn zichtbaar op meerdere niveaus. Gebruikers ervaren minder controle over hun informatieomgeving, publieke instellingen verliezen grip op hun communicatie met burgers, en de samenleving raakt afhankelijk van commerciële infrastructuren die niet zijn ontworpen vanuit publieke waarden. Deze analyses vormden voor mij de basis om in het maakproces van Blok 2 te zoeken naar alternatieven die beter aansluiten bij principes uit de public stack, zoals openheid, inclusiviteit en democratische betrokkenheid.
Individuele opdracht – DAO-principes en governance
Voor deze individuele opdracht heb ik onderzocht hoe DAO-principes kunnen bijdragen aan het verbeteren van ons concept voor de Gemeente Amsterdam. DAO-principes beschrijven hoe een digitale gemeenschap zichzelf kan organiseren en beslissingen kan nemen zonder dat één centrale partij alle macht heeft. Dit sluit goed aan bij het idee dat de gemeente binnen ons platform niet de baas is, maar vooral een faciliterende rol heeft.
Ik heb drie DAO-principes uitgewerkt die volgens mij essentieel zijn voor het functioneren van het platform: goed gedrag stimuleren, een open en fijne cultuur, en makkelijk meebeslissen. Deze principes zijn gekozen op basis van het risico dat het platform anders misbruikt wordt of juist te weinig participatie oplevert.
In eerste instantie heb ik per principe mijn eerste ideeën beschreven, zoals het belonen van positief gedrag en het gebruik van polls. Vervolgens heb ik deze ideeën verfijnd tot concrete ontwerp- en governancekeuzes. Zo heb ik uitgewerkt hoe de gemeente constructieve bijdragen zichtbaar kan belonen door berichten te boosten of te benadrukken, hoe duidelijke huisregels en transparante moderatie bijdragen aan vertrouwen, en hoe laagdrempelige stemmogelijkheden zoals korte polls zorgen voor bredere participatie.
Bij het principe makkelijk meebeslissen heb ik rekening gehouden met het feit dat niet alle bewoners evenveel tijd of motivatie hebben om actief deel te nemen. Door stemmen eenvoudig te houden, maar wel te koppelen aan geverifieerde accounts en duidelijke context, ontstaat een representatiever beeld van wat er in een buurt leeft.
Door deze opdracht heb ik beter begrepen dat governance een cruciaal onderdeel is van het ontwerp van een digitaal systeem. Zonder duidelijke afspraken over gedrag, cultuur en besluitvorming verliest een platform zijn waarde. Deze DAO-principes laten zien hoe publieke waarden zoals inclusie, toegankelijkheid en democratische betrokkenheid concreet kunnen worden vertaald naar ontwerpkeuzes binnen een digitaal platform.
Individuele opdracht – Tarot Cards & ethische risicoanalyse
Voor deze individuele opdracht heb ik met behulp van de Tarot Cards-methode onderzocht welke risico’s en ethische dilemma’s kunnen ontstaan bij ons concept van wijkgerichte Mastodon-accounts voor de Gemeente Amsterdam. Deze methode helpt om niet alleen naar het ideale scenario te kijken, maar juist ook naar wat er mis kan gaan wanneer een digitaal systeem in de praktijk wordt gebruikt.
In mijn analyse heb ik verschillende scenario’s uitgewerkt, zoals The Superfan, The Big Bad Wolf en The Forgotten. Deze kaarten maakten duidelijk dat digitale participatie ongelijkheid kan versterken. Zo bestaat het risico dat een kleine, zeer actieve groep bewoners de discussie domineert, terwijl stillere of minder digitaal vaardige bewoners buiten beeld blijven. Ook kunnen polls een vertekend beeld geven van wat een wijk wil, terwijl de uitkomst niet representatief is voor de hele buurt.
Daarnaast heb ik gekeken naar sociale en emotionele gevolgen. Open wijkdiscussies kunnen escaleren tot publieke conflicten tussen bewoners, wat de sociale cohesie in een buurt kan schaden. Ook bestaat het risico dat bewoners het platform te serieus nemen en polls zien als bindende beslissingen, terwijl ze in werkelijkheid slechts adviserend bedoeld zijn. Dit kan leiden tot verlies van vertrouwen in de gemeente.
Individuele opdracht – Switching Software
Voor deze opdracht heb ik onderzocht wat er gebeurt als ik overstap van Google Chrome naar een alternatief, in dit geval Brave Browser. Ik was vooral benieuwd naar de voordelen op het gebied van gebruiksgemak, advertenties en privacy. In eerste instantie gebruikte ik Brave vooral om YouTube te bekijken zonder advertenties, maar al snel merkte ik dat ik de browser ook voor andere activiteiten, zoals muziekproductie en het downloaden van samples, prettig en snel vond.
Door deze switch ben ik bewuster geworden van mijn digitale keuzes. Ik realiseerde me dat “gratis” software vaak niet echt gratis is, omdat veel commerciële browsers gebruikersdata verzamelen. Brave geeft juist meer controle en privacy, waardoor mijn ervaring met het internet veiliger en aangenamer voelt.
Deze opdracht heeft mij geleerd dat kleine veranderingen, zoals het overstappen naar een andere browser, al een groot effect kunnen hebben op hoe ik technologie ervaar. Het heeft mijn kritische houding ten opzichte van software versterkt en laten zien dat het proberen van alternatieven vaak verrassend positief kan uitpakken.
Reflectie: Stuk
Binnen Blok 2 heb ik het onderdeel Stuk onderzocht door kritisch te kijken naar bestaande digitale systemen en hun impact op publieke waarden zoals privacy, democratische zeggenschap en inclusie. Dit heb ik gedaan via de Switching Software-opdracht, de Tarot Cards of Tech en het individuele DAO-verslag.
In de Switching Software-opdracht werd voor mij duidelijk hoe sterk commerciële partijen de onderste lagen van de public stack domineren. Door over te stappen naar de Brave-browser merkte ik hoeveel tracking en dataverzameling normaal is bij mainstream software. Het morele dilemma zit hier in de afhankelijkheid van “gratis” diensten die draaien op dataverkoop. Dit laat zien hoe private belangen invloed hebben op fundamentele infrastructuur en gebruikers weinig controle laten over hun eigen digitale omgeving.
Met de Tarot Cards of Tech-opdracht heb ik onderzocht welke risico’s ons wijkgerichte Mastodon concept kan opleveren voor publieke waarden. Scenario’s zoals dominante gebruikers, schijnparticipatie via polls en escalerende conflicten laten zien hoe de bovenste lagen van de public stack, interactie, governance en maatschappelijke impact, kwetsbaar zijn als er geen duidelijke ontwerpkeuzes worden gemaakt. Zelfs open en decentrale technologie kan publieke waarden onder druk zetten als macht ongelijk verdeeld raakt.
In het individuele DAO-verslag heb ik ingezoomd op governance als kernonderdeel van de public stack. Door DAO-principes toe te passen, zoals goed gedrag stimuleren, een open cultuur en laagdrempelig meebeslissen, analyseerde ik hoe digitale gemeenschappen kunnen vastlopen zonder heldere afspraken. Dit maakt duidelijk dat technologie alleen niet genoeg is: de manier waarop besluitvorming en verantwoordelijkheid zijn georganiseerd bepaalt of een platform daadwerkelijk publiek blijft.
Deze opdrachten hebben mij geleerd dat wat er “stuk” is aan digitale systemen vaak ontstaat wanneer private belangen of onduidelijke governance de publieke lagen van de public stack overnemen, waardoor publieke waarden onder druk komen te staan.
MAKEN
Groepsopdracht – Gemeente Amsterdam (Innovatie & Mastodon)
In Blok 2 heb ik samen met mijn groep gewerkt aan een groepsopdracht voor de afdeling Innovatie van de gemeente Amsterdam. De gemeente onderzoekt hoe zij gebruik kan maken van Mastodon en het ActivityPub-protocol, omdat zij dit zien als een beter en minder commercieel alternatief voor bestaande sociale media. Onze opdracht was om nieuwe ideeën te bedenken voor hoe de gemeente deze technologie kan inzetten voor communicatie met bewoners van de stad.
Het probleem dat centraal stond, is dat veel bestaande sociale mediaplatforms sterk commercieel en algoritme-gedreven zijn. Hierdoor krijgen berichten van de gemeente vaak weinig zichtbaarheid en worden ze niet altijd serieus genomen. Dit maakt het lastig om bewoners actief te betrekken bij wat er speelt in de stad. De belangrijkste publieke waarden die hierbij onder druk staan zijn toegankelijkheid, inclusie en participatie.
Onze oplossing richtte zich op het vergroten van betrokkenheid door communicatie kleinschaliger en relevanter te maken. We bedachten het concept van wijkaccounts op Mastodon, waarbij elk stadsdeel een eigen account heeft. Op deze manier zien bewoners alleen informatie die voor hun eigen buurt relevant is. Binnen deze wijkaccounts kunnen bewoners via hashtags ideeën aandragen, stemmen op peilingen van de gemeente, inspraakavonden bekijken en (nood)meldingen ontvangen over hun buurt. Door deze lokale focus wordt participatie laagdrempeliger en voelen bewoners zich meer verbonden met hun eigen omgeving.
Om optimaal gebruik te maken van het ActivityPub-ecosysteem, bedachten we daarnaast een uitbreiding op de Gemeente Amsterdam-app, waarin dezelfde functies beschikbaar zijn. Ik heb hiervoor een prototype in Adobe XD gemaakt, waarin deze uitbreiding is uitgewerkt in de stijl van de bestaande app. Zo laten we zien hoe Mastodon-functionaliteiten ook buiten het platform zelf kunnen worden ingezet, wat aansluit bij het idee van open en federatieve technologieën binnen de public stack.
Ons concept is gebaseerd op interviews met bewoners van Amsterdam en input van de opdrachtgever. Uit dit onderzoek bleek dat mensen het idee van wijkgerichte communicatie als positief en overzichtelijk ervaarden. Binnen het public stack-denken komt dit terug in de keuze voor een open protocol, aandacht voor inclusief design, en het versterken van democratische betrokkenheid zonder afhankelijk te zijn van commerciële platforms.
Binnen het project vervulde ik de rol van leider. Ik verdeelde de taken, hield overzicht over het proces en zorgde voor afstemming binnen het team. Daarnaast was ik actief betrokken als ideeëngenerator, prototype-ontwerper en presentator. De samenwerking verliep prettig, maar het grootste leerpunt was het goed leren begrijpen van de vraag van de opdrachtgever. Het vertalen van een soms abstracte opdracht naar een concrete oplossing vond ik uitdagend, maar uiteindelijk is dat volgens mij goed gelukt. Dit heeft mij geleerd hoe belangrijk duidelijke communicatie en samenwerking zijn binnen een maatschappelijk ontwerptraject.
Reflectie: Maken
Binnen het onderdeel Maken heb ik gewerkt aan het ontwerpen van een alternatief digitaal systeem in de vorm van een wijkgericht Mastodon platform. Deze groepsopdracht ging niet alleen over het bouwen van een concept, maar vooral het bewust ontwerpen vanuit publieke waarden, die terugkomen in de lagen van de public stack.
Tijdens het ontwerpproces hebben we nagedacht over hoe een sociaal platform eruit kan zien wanneer het niet wordt aangestuurd door commerciële belangen, maar door de gemeenschap zelf. Op het niveau van de onderste lagen van de public stack (open infrastructuur en software) kozen we bewust voor Mastodon, een open source en decentraal netwerk. Hierdoor ligt eigenaarschap niet bij één bedrijf, maar verspreid over verschillende servers en gemeenschappen.
Op de hogere lagen van de public stack, zoals governance en interactie, hebben we expliciet ontwerpkeuzes gemaakt. Zo richtte ons concept zich op een afgebakende wijkgemeenschap, waardoor schaal, macht en zichtbaarheid beter beheersbaar blijven. Moderatie, gedragsregels en participatie zijn in dit ontwerp geen bijzaak, maar een essentieel onderdeel van het systeem. Dit sluit aan bij het idee dat technologie pas echt publiek wordt wanneer ook de sociale en bestuurlijke lagen goed zijn ingericht.
Wat ik in deze opdracht heb geleerd, is dat maken binnen deze minor niet gaat over het bedenken van “de perfecte oplossing”, maar over het zichtbaar maken van keuzes en gevolgen. Door te ontwerpen via de public stack wordt duidelijk hoe beslissingen op één laag, zoals softwarekeuze of moderatievorm, direct doorwerken in hoe veilig, eerlijk en inclusief een digitaal platform kan zijn.
Deze opdracht heeft mij laten zien dat ontwerpen van digitale systemen betekent dat je verantwoordelijkheid neemt voor álle lagen van de public stack, en niet alleen voor het visuele of functionele eindresultaat.
DELEN
Voor mijn Commons Challenge heb ik een animatievideo gemaakt dat over een plantje gaat. In de animatie groeit het plantje, wordt het meerdere keren geraakt door tegenslagen, zoals overreden worden en zware regen, maar krijgt het uiteindelijk steun van de zon, waardoor het opnieuw tot bloei komt. De animatie staat symbool voor persoonlijke groei en veerkracht: het idee dat er moeilijke momenten in het leven kunnen zijn, maar dat je altijd opnieuw kunt opstaan en dat het oké is om hulp van anderen te accepteren.
Hoewel het thema persoonlijk is, heb ik deze animatie bewust ontwikkeld als een open bijdrage aan de digitale commons. Ik ga het werk publiceren op Wikimedia Commons, zodat het vrij beschikbaar is voor anderen. De animatie kan worden hergebruikt, gedeeld of ingezet als inspiratie of voorbeeld binnen andere projecten, zoals educatieve content, presentaties of creatieve uitingen rondom mentale gezondheid en zelfontwikkeling.
Door mijn werk onder een Creative Commons Attribution (CC BY) te delen, geef ik anderen expliciet toestemming om het materiaal te gebruiken en aan te passen, zolang mijn auteurschap wordt vermeld. Deze keuze past bij het idee van de commons: kennis en creatie worden niet opgesloten achter auteursrechten of commerciële platformen, maar blijven toegankelijk voor iedereen. Dit sluit aan bij publieke waarden zoals openheid, autonomie en inclusiviteit.
Ik heb er bewust voor gezorgd dat de animatie duurzaam en onafhankelijk van mij beschikbaar blijft. Het werk wordt aangeboden in een open en gangbaar bestandsformaat, is vrij downloadbaar en eenvoudig te begrijpen zonder extra uitleg. Door de visuele eenvoud en het ontbreken van taalbarrières is de animatie toegankelijk voor een brede groep mensen.
Wat ik lastig vond aan deze opdracht, was het vertalen van een abstracte boodschap naar beeld. Het bedenken van een idee dat zowel persoonlijk als universeel werkt, vroeg veel reflectie en experimenteren. Uiteindelijk heb ik geleerd hoe krachtig symboliek kan zijn in storytelling, en hoe je met minimale middelen toch een duidelijke emotionele boodschap kunt overbrengen.
Deze opdracht heeft mij laten inzien dat delen niet alleen gaat over publiceren, maar ook over bewuste keuzes maken rondom eigenaarschap, toegankelijkheid en herbruikbaarheid. Door mijn werk te delen binnen de digitale commons draag ik bij aan een open ecosysteem waarin creativiteit en kennis verder kunnen groeien, los van commerciële belangen. Op die manier komt het public stack-denken voor mij concreet tot leven in mijn eigen maakproces.
Link naar Wikimedia Commons:
https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Commons_challenge.webm
Reflectie: Delen
Voor het onderdeel Delen heb ik de Commons Challenge gebruikt. In deze opdracht ging het niet alleen om het maken van een ontwerp of idee, maar juist om de vraag: hoe zorg je ervoor dat wat je maakt ook echt van anderen kan worden? Delen werd daarmee een deel van het ontwerpproces.
Binnen de public stack raakt deze opdracht vooral de bovenste lagen: eigenaarschap, toegang en distributie. In plaats van het werk te publiceren op een afgesloten of commercieel platform, heb ik nagedacht over waar en hoe het gedeeld wordt, en onder welke voorwaarden. Hierdoor blijft het werk downloadbaar, aanpasbaar en herbruikbaar, ook los van mijn eigen portfolio of studiecontext.
Wat ik hiervan heb geleerd, is dat delen meer is dan iets online zetten. De keuzes rondom licenties, toegankelijkheid en platform bepalen wie er met je werk aan de slag kan en wie niet. Door het werk als commons te positioneren, verschuift de focus van individueel auteurschap naar collectieve waarde: het werk mag door anderen worden ingezet, geïnterpreteerd en doorontwikkeld.
Deze opdracht heeft mijn kijk op publiceren en auteurschap veranderd. Delen binnen deze minor betekent niet controle loslaten, maar verantwoordelijkheid nemen voor hoe kennis en creativiteit circuleren binnen de public stack. Dat is iets wat ik meeneem in mijn verdere ontwerpproces en toekomstige beroepspraktijk.
Evenementen
Recap evenement: Democratie in Digitale Tijden – Pakhuis de Zwijger
Dit evenement draaide om de vraag hoe onze democratie beïnvloed wordt door digitale platforms en welke rol wetgeving, burgers en ontwerpers daarin spelen.
Wat mij direct aan het denken zette, was de manier waarop de Digital Services Act (DSA) werd gepresenteerd. Wetgeving klinkt vaak abstract en saai, maar hier werd duidelijk dat deze regels juist bedoeld zijn om burgers te beschermen in digitale omgevingen. De vergelijking tussen offline en online gedrag bleef hangen: wat we in het dagelijks leven niet accepteren, zouden we online ook niet normaal moeten vinden. Toch bleek uit het gesprek hoe ingewikkeld dit is bij grensoverschrijdende platforms die grotendeels in handen zijn van grote commerciële partijen.
Dit raakte voor mij direct aan de kern van de public stack. Veel van de problemen die werden besproken, algoritmische sturing, desinformatie, verslavende feeds, ontstaan doordat onze digitale infrastructuur is gebouwd op private belangen in plaats van publieke waarden. Vanuit het perspectief van de public stack voelde dit als een systeem dat fundamenteel “stuk” is, omdat zeggenschap, transparantie en publieke controle ontbreken.
Een sterk moment tijdens het evenement was het gesprek met Bits of Freedom over aanbevelingsalgoritmes. Het idee dat algoritmes niet in het belang van gebruikers werken, maar in het belang van advertentie-inkomsten, maakte concreet hoe machtig deze systemen zijn. Tegelijk gaf het hoop om te horen dat wetgeving kan afdwingen dat gebruikers alternatieven krijgen, zoals een chronologische feed. Dit sluit nauw aan bij het principe van de public stack: technologie moet mensen ondersteunen, niet manipuleren, en keuzes moeten bij gebruikers liggen.
Wat ik ook interessant vond, was de nuance rondom individuele verantwoordelijkheid. Aan de ene kant werd gezegd dat burgers kritisch moeten blijven en bewust moeten omgaan met media. Aan de andere kant werd benadrukt dat het niet eerlijk is om alle verantwoordelijkheid bij de gebruiker te leggen, wanneer platforms expliciet ontworpen zijn om verslavend te werken. Deze spanning tussen individueel gedrag en systeemontwerp zie ik nu veel scherper, en dat neem ik mee in hoe ik naar technologie kijk én hoe ik zelf ontwerp.
Dit evenement heeft mij geholpen om abstracte concepten zoals democratie, algoritmes en wetgeving te koppelen aan concrete ontwerpkeuzes en maatschappelijke gevolgen. Het heeft mijn begrip van de public stack verdiept en bevestigd waarom het belangrijk is dat ontwerpers niet alleen kijken naar gebruiksgemak, maar ook naar macht, eigenaarschap en publieke waarden in digitale systemen.



Recap evenement: Beeldbestormers – Brainwashed: Sex, Camera, Power
Het tweede evenement dat ik bezocht tijdens de minor was Beeldbestormers: Brainwashed: Sex, Camera, Power, eveneens in het Pakhuis de Zwijger. Dit was eigenlijk een vergissing: ik was van plan om naar Reclaiming our Digital Future te gaan, maar belandde per ongeluk in een andere zaal. In plaats van alsnog te wisselen, besloot ik te blijven. Achteraf gezien was dat een goede keuze, juist omdat mijn persoonlijke interesse sterk ligt bij film en storytelling.
Hoewel dit evenement minder direct aansloot bij de minor dan het evenement over democratie en digitale wetgeving, raakte het wél aan een belangrijk thema binnen de minor: wie ontwerpt systemen, vanuit welk perspectief, en wie wordt daarin gezien of juist niet. In dit geval ging het niet over digitale platforms, maar over filmtaal als systeem, en hoe dat systeem onze kijk op gender, macht en identiteit beïnvloedt.
Tijdens het evenement bekeken we de documentaire Brainwashed: Sex-Camera-Power van filmmaker Nina Menkes. Aan de hand van allemaal filmfragmenten liet zij zien hoe vanzelfsprekend het is geworden dat vrouwen in films worden afgebeeld als lustobjecten zonder eigen stem, terwijl mannen vaak worden neergezet als actief, krachtig en heroïsch. Wat mij raakte, was hoe technisch en systematisch dit gebeurt: door camerastandpunten, belichting, framing en montage. Filmtaal blijkt allesbehalve neutraal.
Wat dit evenement voor mij relevant maakte binnen de context van de minor, is het inzicht dat ontwerp altijd een perspectief heeft. Net zoals veel digitale systemen ontworpen zijn door een relatief homogene groep (vaak witte mannen), geldt dat ook voor film en beeldcultuur. Dat betekent niet dat die ontwerpers per definitie verkeerde intenties hebben, maar wel dat er perspectieven ontbreken. En juist die blinde vlekken zorgen ervoor dat systemen, digitaal of cultureel, niet voor iedereen werken.
Vanuit het idee van de public stack kun je film en media zien als een culturele infrastructuur die publieke waarden zou moeten ondersteunen, zoals gelijkwaardigheid, representatie en inclusie. Als die infrastructuur structureel één perspectief versterkt en andere onderdrukt, is het systeem in zekere zin “stuk”. Dit evenement liet mij zien dat publieke waarden niet alleen in software en platforms zitten, maar ook in beeldtaal, verhalen en narratieven die we collectief consumeren.



Recap evenement: Tradities in Amsterdam
Na het vorige evenement dat ik bezocht had, dat sterk focuste op machtsverhoudingen in media en het dominante perspectief van witte hetero mannen, vond ik het interessant om dit evenement bij te wonen. Tradities in Amsterdam bood namelijk een heel ander soort perspectief: niet vanuit analyse van media of technologie, maar vanuit cultuur, empathie en samenleven in een diverse stad.
Tijdens het evenement waren er mensen uit veel verschillende gemeenschappen uit Amsterdam die hun tradities deelden door middel van verhalen, eten, muziek en performances. In plaats van theorie of debat, draaide het hier om ervaren, luisteren en ontmoeten. Dat maakte duidelijk hoe belangrijk het is om elkaars achtergrond en tradities te kennen om wederzijds begrip te creëren.
Hoewel het evenement niet direct over technologie ging, zie ik wel een duidelijke link met de minor en publieke waarden. Veel digitale systemen en ontwerpen houden onvoldoende rekening met culturele diversiteit en verschillende leefwerelden. Door vooral te ontwerpen vanuit één dominant perspectief, sluit je automatisch anderen uit. Dit evenement liet mij inzien hoe belangrijk het is om als ontwerper bewust ruimte te maken voor meerdere invalshoeken, niet alleen in representatie, maar ook in hoe systemen worden ingericht en voor wie ze werken.
Voor mijn eigen ontwerppraktijk neem ik hieruit mee dat inclusiviteit niet alleen gaat over toegankelijkheid in technische zin, maar ook over culturele gevoeligheid en empathie. Als ontwerper moet je bereid zijn om te luisteren naar verhalen die niet de jouwe zijn, en die mee te nemen in je keuzes. Dit evenement heeft mijn bewustzijn hierover vergroot en sluit daarmee goed aan bij de kern van de minor: ontwerpen met oog voor publieke waarden en de samenleving als geheel.



Recap evenement: Afsluitend Commons Event in De Waag
Het laatste evenement van de minor was een door onszelf georganiseerd afsluitend event in De Waag op de Nieuwmarkt. In tegenstelling tot de andere evenementen die ik bezocht heb, was dit geen extern programma, maar een moment waarop we als groep lieten zien wat we binnen de minor hebben gemaakt en geleerd. Tijdens dit event presenteerden alle studenten hun Commons Challenge en kregen bezoekers de mogelijkheid om rond te lopen, vragen te stellen en te stemmen op hun favoriete bijdragen.
Ik vervulde tijdens dit event de rol van host en presentator. Ik heb het programma geopend, een interview met Marleen Stikker gehouden, uitgelegd wat de minor inhoudt, wat commons zijn en hoe de Commons Challenge daarin past. Daarnaast begeleidde ik de overgangen in het programma en kondigde ik het stemmoment en de uitslag aan. Ik heb deze presentatie voorbereid en met veel plezier uitgevoerd.
Wat dit evenement voor mij spannend maakte, was dat het plaatsvond op een echte locatie en niet alleen voor klasgenoten. Ik had ook mijn moeder en vriendin uitgenodigd, wat het voor mij persoonlijk extra betekenisvol maakte. Waar presenteren in de klas inmiddels vertrouwd voelt, voelde dit evenement serieuzer en professioneler. Juist daarom vond ik het waardevol om te merken dat de presentatie goed ging en dat ik positieve feedback kreeg van zowel medestudenten als aanwezigen.
In relatie tot de minor en de public stack zie ik dit evenement als een belangrijk moment van delen. Niet alleen de content zelf, maar ook de manier waarop we deze presenteerden en toegankelijk maakten en hoe we lieten zien hoe kennis en creatief werk publiek kunnen worden. Het evenement maakte duidelijk dat commons niet alleen digitaal bestaan, maar ook sociaal: ze leven door ontmoeting, gesprek en gezamenlijk eigenaarschap.
Voor mij persoonlijk was dit event een afsluiting waarin veel samenkwam: inhoud, presentatie, organisatie en zelfvertrouwen. Het heeft me laten zien dat ik niet alleen kan meedenken en ontwerpen, maar ook in staat ben om ideeën over publieke waarden en commons helder over te brengen aan een breder publiek. Dat is een vaardigheid die ik meeneem in mijn verdere studie en toekomstige werkomgeving.



Brief aan de opleidingsmanager
Voor deze opdracht heb ik teruggeblikt op de minor Het internet is stuk: maar we kunnen het repareren door een brief te schrijven aan de opleidingsmanager van mijn opleiding. In deze brief reflecteer ik op wat de minor inhoudt, hoe mijn kijk op technologie en publieke waarden is veranderd en wat ik concreet meeneem richting mijn toekomstige ontwerppraktijk. Door mijn ervaringen te koppelen aan momenten zoals het rechtbankbezoek, het eindevent in de Waag en het werken met de public stack, laat ik zien wat deze minor voor mij heeft betekend — zowel inhoudelijk als persoonlijk.